
Negen op de tien leraren hebben op 5 oktober het werk neergelegd. Bussen uit het hele land vertrokken naar Den Haag om te laten zien dat de werkdruk te hoog is en hun salaris te laag. In kranten en op social media verschijnen verschillende berichten en iedereen heeft er zijn eigen mening over. Sommige ouders vinden het maar lastig, aangezien hun zoon of dochter een dag vrij is en ze opvang moesten regelen. De andere ouder staat er helemaal achter en vindt dat de school een fijne plek moet zijn voor hun kind. Een uitgeruste juf of meester is daarbij helpend.
Werken in het onderwijs, dat doe ik ook. Dan wel in het voortgezet onderwijs met een speciaal tintje. Ik krijg betaald vanuit het cao van het basisonderwijs. Alle docenten van het speciaal onderwijs overigens. Ook wij vinden de werkdruk te hoog. Toen ik een aantal weken geleden hoorde dat we gingen staken, wilde ik daar maar al te graag aan meedoen. Een extraatje per maand verdienen is dan toch ook een mooie bijkomstigheid? Heb ik daar immers geen recht op met mijn –soms, zeer pittige- baan? Terwijl ik al in mijn hoofd aan het bedenken was hoe ik mijn stakingsdag ging invullen schoten er toch andere gedachten door mijn hoofd. Is het aan mij om te staken? Moeten wij ons niet buigen naar wat de werkgever van ons vraagt? Ik was er nog niet over uit…
De weken vlogen voorbij en we moesten dan echt een keuze maken. Gaan we staken of niet? Ik kijk naar mijn leerlingen. Ze zitten met hun hoofd gebogen over hun schoolwerk en zijn gefocust. Er zijn weinig momenten op een dag die zo rustig verlopen. Vanmorgen heeft iemand zijn levensverhaal verteld en iedereen was erdoor geraakt. Er heerst hierdoor veiligheid en acceptatie. Iedereen is anders in deze klas, maar wordt geaccepteerd. Er wordt in de klas gesproken over thuis, de straat en de toekomst. Maar ook levensvragen komen voorbij zoals: wat te doen als je een tienermoeder bent of als er oorlog in Nederland komt. Van deze gesprekken geniet ik volop en ik hoop dat ik daarin mijn eigen waarden en normen kan overbrengen. Hier neem ik graag de tijd voor. Als gevolg daarvan blijven de mailtjes en de verslaglegging liggen, waardoor ik later thuiskom dan verwacht. Ach, moeten wij niet alles wat we doen met liefde doen? (1 Kor 16,14). Tijdens de gesprekken in de klas kost dit geen enkele moeite. Dit doe ik graag. Maar de verslagen? Hoe kan ik daar een beetje liefde in stoppen?
“Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen – uw meester is Christus!” (Kolossenzen 3,23-24) staat er dan in de Bijbel…
Soms vind ik het moeilijk om alles met liefde te doen. Als ik alleen maar naar mijn werk kijk, dan is de administratie en de verslaglegging niet iets waarvoor ik sta te springen. Het kost ontzettend veel tijd, waardoor ik minder tijd heb om in mijn leerlingen te steken. Misschien is dat dan een goede reden om te staken?
Op 5 oktober ben ik een halve dag gaan staken. De leerlingen hadden tot 12.00 uur les, waarna ook ik naar huis ben gegaan. Een soort middenweg. Aan alle betrokkenen laten zien dat wij ook de werkdruk te hoog vinden. Toch hebben we ook de tijd genomen om naar de leerlingen om te zien en ik hoop dat ze gevoeld hebben dat ze er mochten zijn. De verslaglegging komt later wel.
Laat alles bij u gebeuren met liefde. (1 Kor 16,14)